Cookies
We zijn benieuwd welke lessen populair zijn. Daarom meten we met Google Analytics welke pagina's, lessen en downloads het meest gebruikt worden. Dat doen we alleen als je akkoord geeft.
Je keuze heeft geen invloed op de werking van de site en je kunt dit later altijd aanpassen.
Voorbereiding: leg met ijsstokjes vier ritmes van 4 tellen op de grond, elk met een nummer:
1. tadi tadi tadi ta ('k Heb een lichtje in mijn hand) - 2. tadi tadi ta ta (Neem maar snel de benen, De grote grizzlybeer) - 3. ta ta ta ta (Sinterklaasje) - 4. tadi tadi tadi tadi (Flui-ster in het dui-ster in het, Fluister fluister).
Klap een van de ritmes. Een leerling gaat bij het juiste ritme staan; de klas leest het in ritmetaal. Welk lied hoort erbij? Zing de zin samen.
Na een paar rondes klapt de leerling die goed stond het volgende ritme.
Tip
Ritme 1 en 2 lijken op elkaar: het verschil zit in de derde tel. Ritme 1 en 4 verschillen alleen in de laatste tel. Kiezen leerlingen te snel? Klap dan langzamer en laat de klas eerst meefluisteren.